Top of this page
Skip navigation, go straight to the content
De Basiskwalificatie Onderwijs (BKO) is een bewijs van didactische bekwaamheid voor docenten in het wetenschappelijk onderwijs. Het is een middel om te voorzien in de didactische scholing van docenten en eveneens een instrument om de kwaliteit van het universitair onderwijs te borgen.
De didactische bekwaamheid van de docent wordt getoetst aan de hand van een zogeheten BKO-portfolio. Hiertoe verzamelt de docent bewijsstukken waarmee deze aantoont over de gevraagde competenties te beschikken. Of het bewijs voldoet, beoordeelt een facultaire portfoliocommissie waarin tenminste drie deskundigen zitten. Om een portfolio samen te stellen kan de docent vier verschillende wegen bewandelen.
Neem, vóórdat u aan de slag gaat, altijd contact op met de BKO-coördinator van uw faculteit. Ook is het raadzaam de TU/e handleiding BKO vóóraf goed door te nemen. Bij een positieve toetsing van de portfolio ontvangt de docent een BKO-certificaat. Deze didactische kwalificatie wordt erkend door alle Nederlandse universiteiten.
Nieuwe universitair (hoofd-)docenten en hoogleraren aan de Technische Universiteit Eindhoven dienen het BKO-certificaat binnen drie jaar te behalen. Het is een voorwaarde bij bevorderingen.
[De volledige regeling kunt u teruglezen in de TU/e regeling BKO.]