Top of this page
Skip navigation, go straight to the content

Afvoeren van (gevaarlijke) afvalstoffen
Het Reststoffencentrum TU/e zorgt voor het afvoeren van alle reststoffen van de TU/e. Daaronder vallen alle nu bekende 'niet gevaarlijke' bedrijfsafvalstoffen en de gevaarlijke afvalstoffen. Het uitgangspunt is dat alle huidige en toekomstige afvalstromen door het Reststoffencentrum TU/e afgevoerd worden. Het Reststoffencentrum bestaat uit het BBC-gebouw (Berging Bijzondere Chemicaliën) en de milieustraat. Sinds 2004 is de expeditie van de TU/e gehuisvest in het BBC-gebouw.

De gevaarlijke afvalstoffen worden dagelijks vanuit de depots bij de gebouwen getransporteerd naar de Berging Bijzondere Chemicaliën (BBC). Daar worden de stoffen gesorteerd in diverse afvalstromen. De jaaromzet is ongeveer 65 ton.

Het kantoorafval wordt door de schoonmaakploeg 3 x per week gescheiden ingezameld (papier en overig afval) en in de daarvoor bestemde containers gedeponeerd. De containers worden twee keer per week geledigd.

Opslag van gevaarlijke afvalstoffen
In het BBC-gebouw mogen gevaarlijke (afval)stoffen opgeslagen en gesorteerd worden. De opslag voldoet geheel aan de wet- en regelgeving volgens de richtlijn opslag verpakte gevaarlijke stoffen (PGS-15). De maximale opslag bedraagt 18 ton, conform de verleende milieuvergunning.

In het gebouw worden tijdelijk 'schone' gevaarlijke stoffen voor faculteiten, diensten en derden opgeslagen.

Daarnaast is de BBC een transitoruimte voor alle nieuw aangekochte 'schone' gevaarlijke stoffen door de TU/e. Dat houdt in dat de BBC als het ware een tijdelijke ruimte is voor het doorleveren van alle chemicaliën. De stoffen worden hier eerst geregistreerd en vervolgens getransporteerd naar de desbetreffende faculteiten en diensten van de TU/e. Deze registratie gebeurt in GROS (Gevaarlijke stoffen Registratie en OpsporingSysteem). Functioneel beheerder van het GROS is Jeroen van der Vegt.

Wetgeving gevaarlijke stoffen
Sinds 2000 is iedere organisatie die gevaarlijke stoffen verstuurt, vervoert, laadt of lost, verplicht een veiligheidsadviseur in dienst te hebben. De veiligheidsadviseur heeft kennis op het gebied van gevaarlijke stoffen en weet alles van de vervoersvoorschriften. De veiligheidsadviseur (modaliteit wegvervoer) van de TU/e is Jeroen van der Vegt.

Voor de opslag, overslag en het transport van gevaarlijke goederen is het van belang dat de richtlijnen van het VLG/ADR1 voor gevaarlijke stoffen gevolgd worden. Als bepaalde stoffen ingedeeld zijn in een gevarenklasse van het ADR, is op het vervoer van deze stoffen een groot aantal voorschriften van toepassing. Deze voorschriften hebben onder andere betrekking op documenten, verpakking, etikettering, voertuiguitrusting en voorschriften onderweg. Voor het vervoer van gevaarlijke goederen moet men in het bezit zijn van een ADR-certificaat. Alle medewerkers van het Reststoffencentrum zijn in het bezit van dit certificaat.

 


1) VLG is de Nederlandse wetgeving voor het vervoer van gevaarlijke goederen over het land. ADR is de afkorting van de Franse titel van het Europees verdrag betreffende het internationaal vervoer van gevaarlijke goederen over de weg: "Accord européen relatif au transport international des marchandises Dangereuses par Route".

Contactgegevens

Groep Intern adres Telefoon Fax E-mail
Afvalbeheer BBC 0.16 040-247 4343 040-247 2676 reststoffencentrum.diz@tue.nl

Naar boven