Top of this page
Skip navigation, go straight to the content

Leonardo Da Vinci

Leonardo da Vinci is een Europees actieprogramma. Het bevordert vernieuwing, innovatie en kwaliteitsverbetering van beroepsopleidingen door transnationale samenwerking.

Deelnemende landen:
België, Denemarken, Duitsland, Finland, Frankrijk, Griekenland, Ierland, Italië, Luxemburg, Nederland, Oostenrijk, Portugal, Spanje, Verenigd Koninkrijk, Zweden, Noorwegen, IJsland, Liechtenstein, Bulgarije, Estland, Letland, Litouwen, Hongarije, Roemenië, Polen, Tsjechië, Slowakije, Slovenië, Cyprus, Malta en Turkije.

Perspectieven van het programma:

  • het individu en persoonlijke competenties
  • de beroepsopleiding en de relatie met het bedrijfsleven
  • de employability van personen in Europa

De nadruk ligt op:

  • een leven lang leren;
  • nieuwe vormen van gebruik van informatie- en communicatietechnologie;
  • deelname van het MKB en het bedrijfsleven;
  • bevordering van gelijke kansen voor vrouwen en mannen;
  • het voorkomen van uitsluiting en ongelijkheid;

Programmaonderdelen

De transnationale samenwerking binnen Leonardo krijgt vorm in zes soorten projecten:

  1. Mobiliteitsprojecten: stages en uitwisselingen van leerlingen, studenten, jongeren, docenten en bedrijfsopleiders. Mobiliteitsprojecten staan open voor ieder die betrokken is bij beroepsopleidingen.
  2. Proefprojecten: projecten gericht op de ontwikkeling van innovatieve systemen, instrumenten en modellen voor de beroepsopleiding.
  3. Talenprojecten: projecten gericht op het gebruik van vreemde talen in een beroepsmatige context.
  4. Projecten gericht op het opzetten en in stand houden van transnationale, sectoraal of regionaal georiënteerde netwerken.
  5. Het vergaren van Referentiemateriaal: gericht op vergelijking van systemen en beleid in de deelnemende landen.
  6. Thematische acties: gericht op een specifiek thema

Drie doelstellingen

De drie doelstellingen van het Leonardo da Vinci-programma zijn:

Betere inzetbaarheid
van vooral jongeren, eenvoudiger beroepsintegratie en -reïntegratie door betere initiële beroepsopleiding; speerpunt hierbij is het alternerend leren en het leerlingwezen.

Betere kwaliteit
van de beroepsopleiding en ruimere toegang tot permanente beroepsopleiding;
speerpunt hierbij is levenslang leren zodat individuen de technologische en organisatorische veranderingen kunnen bijhouden.

Betere werkgelegenheidskansen
beroepsopleidingen dragen bij aan vernieuwend ondernemerschap en aan een groter concurrentievermogen; speerpunt hierbij is de samenwerking tussen beroepsopleidingsinstellingen (met inbegrip van universiteiten) en ondernemingen (met name het MKB).